20. Houtverduurzaming
Om te voorkomen dat hout gaat rotten wordt het vaak behandeld
met houtverduurzamings, ofwel impregneermiddelen. Dit zijn bestrijdingsmiddelen,
die schadelijk zijn voor gezondheid en milieu. Na de landbouw is de houtverduurzamingsindustrie
de grootste gebruiker van bestrijdingsmiddelen. Verduurzaming is niet nodig,
als u kiest voor goede constructies en/of het hout verft. Ook kunt u duurzame
houtsoorten uit goed beheerde bossen gebruiken of andere materialen dan
hout.
Milieu en gezondheid
De houtverduurzamingsindustrie veroorzaakt bodemverontreiniging
met zware metalen en luchtverontreiniging met koolwaterstoffen. Deze laatste
stoffen dragen bij aan smogvorming en kunnen giftig zijn. In de buurt van
verduurzamingsfabrieken vormen ze een gevaar voor omwonenden en de landbouw.
Ook zijn er mogelijk risico's voor werknemers. Vooral een speciale groep
koolwaterstoffen, de PAK's, zijn schadelijk. Ze zijn slecht afbreekbaar
en een aantal zijn kankerverwekkend. Bij veel bedrijven zijn overschrijdingen
van de bodemkwaliteitsnormen voor zware metalen (arseen) vastgesteld. Tijdens
het gebruik logen verduurzamingsmiddelen uit naar lucht, water en bodem.
In de afvalfase wordt hout gestort, verbrand of hergebruikt.
Bij stort belanden de giftige bestanddelen, zoals zware metalen en PAK's,
uiteindelijk in bodem en grondwater. Bij slechte verbranding komen giftige
stoffen vrij. Bij hergebruik, bijvoorbeeld als houtsnippers in plantsoenen,
belanden ze net als bij het storten uiteindelijk in het milieu. Eens het
hout volledig vergaan is, zijn alle verduurzamingsmiddelen in het milieu
terechtgekomen.
De doe-het-zelver loopt tijdens het opbrengen van verduurzamingsmiddelen
gevaar bij inademing, huidcontact en inslikken. Eenmaal verduurzaamd hout
kan schadelijke bestanddelen blijven afgeven, zoals zware metalen en PAK's.
Denk maar aan oude spoorbielzen in tuinen en plantsoenen bij warm weer.
Inademen of aanraken van deze stoffen kan gevaarlijk voor de gezondheid
zijn.
De industrie doet inspanningen om de milieuverliezen te
minimaliseren bij productie en toepassing. De milieubeweging meent dat
dit het probleem enkel in de tijd verschuift en pleit voor een verbod op
houtverduurzamingsmiddelen.
Verantwoord bouwen
Door bij de constructie rekening te houden met weersinvloeden
en eigenschappen van het hout is verduurzaming vaak niet nodig. Kernhout,
het binnenste deel van de boomstam, is veel duurzamer dan spinthout, het
buitenste deel. Naaldhout uit koude streken, zoals Noord-Scandinavië,
is van betere kwaliteit. Krimpkieren in de verbindingen zijn er veel minder
bij droog hout (vochtpercentage van 14 of minder) en bij vingerlasverbindingen.
Kwasten in hout kunnen ook kieren opleveren. Door daken te laten oversteken
en kozijnen wat dieper in de gevel te plaatsen zorgt men voor meer bescherming
tegen zon en regen. Vooral hout op de grens van water of bodem met lucht,
wordt aangetast. Houtdelen van een schuurtje of een tuinhek kunt u daarom
het beste minstens 30 centimeter boven de grond laten beginnen door het
onderste deel van ander materiaal te maken, bijvoorbeeld van beton. Ook
kunt u de palen in een stalen paalhouder plaatsen. Het hout kunt u dan
gewoon met verf of beits beschermen.
Verf dekt slecht op scherpe kanten en verbindingsnaden.
Rond hoeken en kanten daarom af. Bewerking van hout, zoals boren en spijkeren,
werkt rotting in de hand. Doe dit zo min mogelijk en koop kant-en-klare
producten. Producten als kozijnen en deuren die door de fabrikant van een
verflaag zijn voorzien, zijn veel duurzamer dan wanneer u ze zelf verft.
Is aantasting van hout niet te voorkomen, gebruik dan alternatieven voor
verduurzaamd hout.
Alternatieven voor verduurzaamd hout
Tropisch hardhout is vanwege de rampzalige ontbossing
in de tropen bijna nooit een goed alternatief, net als hout uit oerbossen
buiten de tropen. Uitzondering is hout met het betrouwbare FSC-keurmerk.
Dit hout voorlopig nog niet verkrijgbaar. Een aantal houtbedrijven, die
zich verenigd hebben in de 'Club 1997' (lijst op te vragen bij WWF, 02/347.30.30),
hebben zich ertoe verbonden om vanaf 1997 FSC-gelabeld hout te verkopen.
Ook verantwoord zijn sloophout of duurzame Europese houtsoorten,
zoals eiken, tamme kastanje en robinia (Robinia pseudoacacia). Robinia
en tamme kastanje zijn beperkt verkrijgbaar. Andere mogelijkheden zijn
niet-verduurzaamd naaldhout, beton, steen, staal, gerecycleerd plastic,
vezelcementplaten of een heg. Gerecycleerd plastic is er in allerlei kleuren
en maten. PVC en aluminium zijn zeer milieuonvriendelijk en dus geen goede
alternatieven.
Een beloftevolle nieuwe piste vormt het zgn. PLATO-hout.
Dit is banaal hout (bv. populier) dat zonder toevoeging van chemische stoffen
verduurzaamd is. Door blootstelling aan hoge temperaturen en druk vormen
de zachtste houtbestanddelen een soort hars die niet langer vatbaar is
voor aantasting. Het resultaat is qua eigenschappen vergelijkbaar met tropisch
hardhout. Momenteel bevindt zich in Wageningen (NL) al een proeffabriek;
opschaling naar commercieel niveau wordt verwacht tegen 1998. Ook bestaande
constructies in bijvoorbeeld daken kunnen op deze manier behandeld worden.
Verduurzamingstechnieken
De industrie kan veel efficiënter verduurzamen dan
de doe-het-zelver, en gebruikt ook steeds efficiëntere methoden. Helaas
werkt men bijna uitsluitend met de schadelijke middelen creosootolie en
wolmanzout. Met de verbeterde technieken kunnen ook steeds grotere hoeveelheden
dieper in het hout worden gebracht. Er bestaan moderne nabehandelingstechnieken
(fixeren) om te voorkomen dat het middel na het inbrengen uit het hout
ontsnapt. Productie en gebruik van verduurzaamd hout veroorzaakt zo minder
milieuvervuiling, maar het probleem wordt wel verplaatst naar de afvalfase.
Ook kunnen deze technieken schadelijk zijn voor de werknemers. In geïmporteerd
hout kunnen schadelijke middelen zitten die in België al verboden
zijn.
Voor buitenkozijnen en deuren kunt u het beste niet-verduurzaamd
Europees hout nemen als vuren of grenen (bv. Velux). Tweede keus is hout
dat plaatselijk verduurzaamd is met bifluoride of boorzouten. Deze middelen
verspreiden zich pas als het hout een bepaalde vochtigheid heeft bereikt.
Daardoor is er zeer weinig van nodig. Hout dat met bifluoride en boorzouten
is behandeld moet worden overgeschilderd om uitlogen te voorkomen.
Verduurzamingsmiddelen
Creosootolie wordt het meest toegepast. Hout dat
hiermee behandeld is, is bruin van kleur, vettig en ruikt rokerig. Creosootolie
is gemaakt uit steenkoolteer. Het is een mengsel van koolwaterstoffen,
waaronder 30 tot 50 procent PAK's. Tijdens het verduurzamingsproces ontstaat
zeer veel lucht-, water- en bodemverontreiniging. Maar ook tijdens gebruik
en in de afvalfase. Carbolineum lijkt op creosoot, maar wordt alleen
door de doe-het-zelver gebruikt. Creosootolie en carbolineum kunt u overschilderen
met tuinbeits op basis van water of lijnolie, of houtdestillaten.
Wolmanzouten bevatten koper in combinatie met arseen,
chroom, borium, fluor of zink. Van deze stoffen zijn arseen en chroom het
meest ongezond. Beide zijn sterk giftig en kunnen in deze vorm kanker verwekken.
Behandeld hout is meestal blauwgroen van kleur. De giftige metalen kunnen
in water, bodem en lucht terechtkomen. Het zijn afvalzouten van de metaalindustrie
die als chemisch afval op een verantwoorde wijze verwerkt hadden moeten
worden. Wolmanzouten kunt u met allerlei verven en beitsen overschilderen.
Uit milieuoogpunt heeft waterverdunbare natuurverf de voorkeur. Tweede
keus zijn waterverdunbare alkyd of hybrideverven of high solidverven.
Overige: Boorzouten (borax, boorzuur) zijn van
de middelen die in de winkel verkrijgbaar zijn de minst schadelijke. Hierbij
is overschilderen noodzakelijk om uitlogen te voorkomen.
Wilt u toch kant-en-klaar verduurzaamd hout, kies dan
voor hout dat behandeld is met benzalkoniumchloride. Dit hout mag niet
met de grond in contact staan.
Chemisch afval
Verduurzaamd hout mag niet zomaar bij het gewoon afval.
Vlarem schrijft voor dat het moet afgevoerd worden naar een industriële
verbrandingsoven. Verbrand daarom nooit geïmpregneerd hout maar breng
het naar het containerpark.

|