| Ziekten die van dier op mens kunnen worden overgedragen, noemt men zoönosen. Buiten het rechtstreeks contact mens-dier kan de mens ook indirect getroffen worden, bijv. door het eten van vlees. Daarom onderzoekt het IVK bij de keuring alle vormen van zoönosen. Sommige zoönosen worden veroorzaakt door parasieten. Een klassiek voorbeeld van een zoönose veroorzaakt door een parasiet, is de trichinose. De ziekteverwekker is hier een haarworm waarvan de volwassen exemplaren in de darm van zoogdieren (inclusief de mens) voorkomen. Mens en dier besmetten zich door het opeten van onvoldoende verwarmd vlees waarin ingekapselde larven zitten. Bij de dieren zijn vooral ratten en varkens besmet. De symptomen van besmetting bij de mens zijn vooral spier- en gewrichtspijn, soms ook vochtophoping in het aangezicht. De bestrijding moet uiteraard preventief zijn: afkeuren van besmet varkensvlees in het slachthuis en verdelgen van ratten om de kans op overdracht vanuit wilde dieren naar consumptiedieren te verlagen. Een geruststelling: in België werd sedert tientallen jaren geen besmetting meer vastgesteld. Andere zoönosen worden veroorzaakt door micro-organismen. Een veel voorkomende zoönose veroorzaakt door een bacterie, is de salmonellose. Salmonella-infecties kunnen bij praktisch alle diersoorten aangetroffen worden. Bij de mens is ze vooral bekend als voedselvergiftiging waarbij koorts en spijsverteringsstoornissen kunnen optreden een 12-tal uren na het eten van gehakt rauw vlees, vleeswaren of onvoldoende verwarmd vlees. Ook vis- en schaaldieren, vooral rauw, kunnen aanleiding geven tot vergiftiging. De productiedieren (ook pluimvee) kunnen zich besmetten via het voedsel waarin besmet vismeel verwerkt is. Daarna kunnen de dieren elkaar besmetten via direct contact. Overlevende dieren kunnen daarna latent drager blijven van de kiemen (ze zijn besmet doch vertonen geen ziektetekens) en vormen een constante bron voor besmetting. Salmonella-infectie kan zich ook voordoen bij het drinken van besmet drinkwater, het eten van rauwe eieren (o.a. in ijs) en tenslotte door directe besmetting van bijv. kinderen door hun hui
sdier. In tegenstelling tot sommige andere besmettelijke dierziekten is varkenspest geen zoönose. De mens kan deze ziekte niet oplopen, noch via contact met de dieren noch via het eten van besmet vlees. |